DET-DIGIT-ART: "SPOREN, een trektocht in Cyberspace"
Roberts Island bestaat uit een kaal landschap, glanzend als glas,
met hier en
daar enorme kraters. Er staan op het eiland slechts enkele bomen. De dalen
zijn bedekt met dun, geel gras en vooral met keien. Het is een plek waar
voor- en achtergrond
ongemerkt in elkaar overlopen. Hier is mijn hele referentiekader zoek, de top
van de 476meter hoge berg op Roberts Island is vergelijkbaar met een hoogte
van 3000meter in Europa.
De wind zwelt aan in een gestaag crescendo. Hij is mijn grootste vijand,
dwingt me soms tot weken binnen blijven en is onvoorspelbaar.
Ik waad door een ijskoude rivier. Mijn blote voeten beginnen te gloeien zodra
ze in contact komen met het koude water. De zenuwen raken verdoofd en mijn
lichaam voelt niets meer. Om moed te vatten probeer ik me de nachten voor te
stellen die Rallier onder de blote hemel heeft doorgebracht.
Hij heeft gerild van de
kou, maar nooit geklaagd. Ik denk aan John Nunn en zijn kameraden die twee
jaar rond doolden op Désolation Island. Ze renden langs de kusten van de
archipel om warm te blijven. Na twee jaar werden ze gered door een kotter.
En ik denk aan Peau die er in 1920 op wijst dat dit klimaat zeer
bevorderlijk is voor de gezondheid en een grote eetlust opwekt.
Op veel plekken in het kerguelen eilandenrijk (totale opp 7215km2) waar de
vogels hun nesten op de grond bouwen wegens gebrek aan bomen jagen de
verwilderde katten, afstammelingen van huisdieren die door robbenjagers en
overwinteraars werden achtergelaten.
Zij hebben geen vijanden en verslinden
duizenden jonge stormvogels. Op Roberts Island zijn nog geen katten, moeflons (in 1957 op de Kerguelen ingevoerd vanuit Corsica) of witte oerossen. Wel zijn er schapen
op mijn eiland. Ik bracht ze mee vanuit Vuurland, mijn vorige verblijfplaats,
en ik sus mijn geweten met de gedachte dat er op de kerguelen veel schapen aan hun
lot overgelaten zijn die in een korte tijd een grote weerstand hebben opgebouwd tegen de kou.
Ook kruipen hier insekten
rond die de bezoekers meegebracht hebben met hun bagage. Zij kunnen hier niet
vliegen in verband met de enorm harde wind
en op veel plaatsen onder mijn voeten loopt een uitgebreid
tunnelstelsel. Door de ingevoerde konijnen is niet alleen de kerguelen kool nagenoeg verdwenen maar
zijn ook andere spaarzame planten zoals de azorella
waarvan ze de wortels aanvreten verdwenen. De
kerguelen kool stamt waarschijnlijk nog uit de tijd dat het hier warm was.
In de bladeren zit
ascorbinezuur, de remedie tegen scheurbuik. De kool heeft heel wat zeelieden
van de dood gered.
Ik maak een tocht naar de installaties van het Nationale Centrum voor Ruimteonderzoek(CNES) op de kerguelen. Ik zie een woud van radioantennes en masten. Hier is wetenschap een excuus om het land te bezoeken.
Deze plek is een van de geschiktste onderzoekplaatsen op aarde, omdat men
hier in de samenstelling van de atmosfeer nog weinig last heeft van
menselijke invloeden. De
barakken zijn er laag, de geluiden klinken vreemd door het ontbreken van
bomen of andere obstakels. In 1874 al keken wetenschappers vanaf een tiental
boten in de kerguelen archipel hoe Venus voor de zon langs schoof.
Als ik het
centrum aanschouw,
voel ik een soort luiheid die gepaard gaat met zorgeloosheid.
Ik zie vanuit mijn venster de prachtige glazen top van mijn ijsberg.
Fictie en werkelijkheid komen dicht bij elkaar. Dat wist ook Alan Silitoe die
een verhaal schreef over zes oud RAF-piloten op zoek in de kerguelen naar een
onderzeeboot vol nazi-goud zonder ooit op de kerguelen archipel te zijn
geweest (The Loneliness of the Long-Distance Runner).
Ik projekteer de verzamelde verhalen uit het verleden die ik wil herbeleven
op mijn beeldscherm, vul de beelden naar believen aan met mijn fantasieën
en geniet: tot mijn aandacht verslap .
Dan is het tijd voor een nieuw avontuur, een nieuwe droom.
Tot ziens op Ascension Island ( 7.57 Zuid, 14.22 West)
Robert